Maskerbijen - Hylaeus ---- Pagina bij www.zoekkaartwildebijen.nl
Voorlopige pagina: hier wordt volstaan met een beschrijving van het genus (naar Koster, 1986). Beschrijvingen op soortniveau, gecombineerd met tekeningen, foto's en een tabel volgt in de loop van 2011/12. Zie verder: Koster, A. (1986). Het genus Hylaeus in Nederland (Hymenoptera, Colletidae). Zoölogische Bijdragen 36: 1-120. http://www.repository.naturalis.nl/document/148513 (laadtijd 20-60 sec)

Habitus: kleine (4,5-9,0 mm), met uitzondering van de haarbandjes op de zijkanten van het achterlijf, kale en meestal zwarte bijen; het gezicht te geheel of gedeelte lijk geel tot geel wit getekend. verzamelharen ontbreken; nectar en stuifmeel wordt met de mond verzameld; voorvleugels met twee submarginale cellen, waarvan de eerste duidelijk groter is dan de tweede De top van de radiaalcel is eliptisch, iets van de vleugelrand verwijderd en voorzien van een kort aderaanhangsel.

Vrouwtje: meestal twee langwerpige tot driehoekige of ronde vlekken op het gezicht; de basis van de antenne slank.
Mannetje: gezicht tussen de ogen meestal volledig gekleurd. De basis van de antenne vaak matig tot sterk verbreed.
Vliegperiode: mei september.
Nesten: in het algemeen worden nesten gemaakt in dode holle stengels van braam, riet, vlier en andere planten; verder in plantengallen; ze nestelen ook in de grond, verschillende soorten doodhout leemwanden en in gaten en spleten in muren. Maskerbijen maken ook gebruik van kunstmatige nestgelegenheid vooral opstaande rietmatten, weidepaatjes, golfkarton.
Een broedcel bestaat een doorzichtige substantie die kennelijk door de kaakklieren wordt afgescheiden. De binnenkant van de cel is bekleed met een waterdicht zijdelaagje dat bestand ia tegen hoge temperaturen en onoplosbaar in verschillende chemisch zeer actieve stoffen, onder meer chloroform, ether en aceton.
Bloembezoek van de alle soorten, onder meer: zevenblad, gewone engelwortel, peen, akkerdistel, gewone berenklauw, zandblauwtje, tormentil, wilde reseda, wouw, witte reseda, muurpeper, wit vetkruid, braam, ui en sierui, klokjes.
Voorkomen in Nederland: het aantal soorten van het bijengeslacht Hylaeus in Nederland bedraagt 21. Maskerbijen komen in heel Nederland voor. 50% (10 soorten) is zeer zeldzaam, slechts 1 x waargenomen of uit Nederland verdwenen. In de praktijk gaat het om 11 soorten maskerbijen.
 

 

Gewone maskerbij (Hylaeus communus) Terug naar top
 

 

Gezichtstekening: Resedamaskerbij (mannetje links), gewone maskerbij (wijfje rechts) Terug naar top
 
 
Maskerbij (Hylaeus breviconis) op zandblauwtje Terug naar top
 
 
Verzamelen van stuifmeel met de mond: Maskerbij (hylaeus brevicornis) op zandblauwtje (linksboven)---------------Terug naar top
 
 
 
Resedamaskerbij (vrouwtje) op wilde reseda Terug naar top